ADA Hill

Over de auteur Het Boek des Oprechten Boek bestellen Contact

 

1e Nederlandse vertaling van de Hebreeuwse schriftrol      
Sefer ha-Yashar = Het boek des Oprechten


Ada Hill  
 

De bijbel verwijst 2x naar dit boek in Jozua 10:13 en 2 Samuel 1:8   


 

De oorspronkelijke schriftrol behoort tot de verloren geraakte canonieke boeken. Het is daardoor vrijwel onbekend gebleven onder de meeste theologen. Het boek lijkt in grote lijnen op het oude testament maar bevat hele bijzondere details. Het geeft duidelijke aanwijzingen over de tijd en omstandigheden waarin de Aartsvaders en moeders leefden.
De auteur schreef naast de complete vertaling een moderne samenvatting met cultuur historische toelichting. Ook vergeleek ze alle teksten met parallelle teksten in de bijbel en de koran. Zocht de onderlinge verschillen op. Het boek levert  een schat aan nieuwe feiten op m.b.t. de Aartsvaders vanaf Adam in de Hof van Eden tot aan Jozua in het beloofde land. Het plaatst de Aartsvaders en moeders in het raamwerk van de wereldgeschiedenis. Hierdoor wordt de lezer verrast door een uiterst controversiele  chronologie.
Om dit boek te kunnen begrijpen dient men het met een onbevooroordeelde geest te lezen. Een tijdsverschil van 1400 jaar met de tot op heden gehandhaafde chronologie “Dat kan toch niet waar zijn”!? Door kritisch analytisch te denken komt men bij de waarheid. De waarheid zal ons vrij maken.  
 

Voorbeeld: Abraham bereed een kameel. In de traditionele chronologie van Flavius Josephus leefde Abraham rond 2000 v.C. Studie en onderzoek wijzen uit dat de kameel/dromedarus pas na 1200 v.C. werd gedomesticeerd en als lastdier ingezet. In Kanaan zijn er geen overblijfselen aangetroffen van vóór 950 v.C. Volgens Karen Armstrong speelt de geschiedenis van Abraham zich af  in de Nieuw Babylonische tijd van 639-539 v.C. Aanwijzingen in het boek des Oprechten duiden er op dat Abraham in 607 v.C. werd  geboren.  In 470 v.C. toen Abraham 137 jaar oud was kocht hij voor 400 zilveren sjekels de grot Makpela van de Hetiet Efron om Sara daarin  te begraven. De eerste coinage van Syrische sjekels was rond 540 v.C. Abrahams vader Terach kende nog geen muntgeld aan het hof van Nimrod.  Jozef de 11e lievelingszoon van Jakob werd door zijn broers verkocht voor 20 sjekels aan de Medianieten.  Hier weer een bewijs dat Jozef niet rond 1800 v.C geleefd kon hebben. Jakob koopt voor 5 sjekels een stuk land van de nazaten van Hemor en noemt de plaats Sukkoth. Ruim 200 jaar later komt Mozes en het volk van Israël tijdens de exodus langs deze plaats. Hier liet koning Balak  de wijze ziener Balaam  uit de stad Pethor (waarzegging)  komen. Dit was 3 dagen reizen per ezel. Hij moest in Moab de Israëlieten  gaan vervloeken. Maar Jahweh gaf hem andere instructies. Deze plaats heet nu “Deir Alla” en bevind zich net over de grensvallei in Jordanië. In 1967 werd de vervloekingstekst op de kalkstenen muur van Deir Alla door Nederlandse archeologen ontcijferd en hun onderzoeksresultaten zijn te lezen in het boekje van het RMO/Rijks Museum van Oudheden met de titel "Een verhaal voor het Oprapen".